Net als vele van ons mocht ik vroeger als kleine jongen altijd met mijn vader mee als hij ging vissen. Hier begon het voor mij als visser. Als klein jongetje was het natuurlijk heel gaaf als je met jouw vader mee mag vissen op voorntjes en brasem. Later ging ik steeds vaker alleen op pad om een mooie brasem of zeelt te strikken in de mooie polders die Uithoorn ons biedt. Op school leerde ik een karpervisser kennen, die mij vroeg of ik een keer mee wilde vissen op karper. Deze kans pakte ik met beide handen aan en daar gingen we! Niet gek veel later lag er een mooi klein polderschubje in het net. Ik was meteen verkocht! Dit is de ultieme visserij! Ik ging mezelf verdiepen in het karpervissen en niet gek veel later veranderde de penhengel met mais in een set van twee hengels voor de statische visserij. Ook werden de mooie Uithoornse polders ingeruild voor groter en uitdagender water en werden de karpers die ik ving steeds groter. Vandaag de dag ben ik nog steeds erg actief bezig met deze prachtige hobby en geniet hier nog iedere dag van.